Zo kun je besparen op de onbalanskosten

Meebetalen voor een ander, dat wil niemand. Toch is de kans groot dat je dat doet, als je een bedrijf hebt met een grote aansluiting. Na je stroomverbruik zelf zijn onbalanskosten voor veel grootzakelijke klanten een van de grootste posten op de energierekening. En lever je ook terug, dan loopt die post verder op.

Het goede nieuws: je kunt er invloed op uitoefenen. In de podcast spraken we erover met Arnout Goeman van energieleverancier NieuweStroom. In dit artikel zetten we op een rij wat onbalans is, waarom je misschien te veel betaalt, en wat je eraan kunt doen.

Wat is onbalans?

Elke energieleverancier maakt elke dag een voorspelling van wat zijn klanten de volgende dag gaan afnemen en terugleveren. Die voorspelling moet om twaalf uur ’s middags de dag ervoor binnen zijn. Daarna kan de leverancier nog bijsturen op de intradaymarkt, tot vlak voor het moment van levering.

Alles wat daarna nog afwijkt van de voorspelling, is onbalans. TenneT moet die verschillen opvangen om het net stabiel te houden, en de kosten daarvan komen terecht bij de leveranciers die ernaast zaten. Die berekenen ze vervolgens door aan hun klanten.

Onbalans kan overigens ook geld opleveren: zat je de goede kant op, dan betaalt een ander jou. Maar door de groei van zon en wind is onbalans de afgelopen jaren grilliger en duurder geworden.

Verbruik is voorspelbaar, opwek niet

Dat is misschien verrassend, maar stroomverbruik is goed te voorspellen. Een kantoor vult zich elke ochtend rond dezelfde tijd, een bakkerij heeft elke dag dezelfde piek als de ovens aangaan. Pieken zijn geen probleem, zolang ze voorspelbaar zijn.

Zon en wind zijn veel lastiger. Het maakt nogal uit of de zon om tien over één doorbreekt of om tien voor half twee, en dat moet een leverancier ook nog per regio goed hebben. Zodra een wolk voor de zon schuift, raakt dat in één keer heel veel klanten tegelijk.

Waarom je misschien meebetaalt voor een ander

Een leverancier maakt zijn voorspelling niet per klant, maar per groep. Dat werkt beter: de fouten van individuele klanten heffen elkaar dan voor een deel op. De onbalanskosten worden vervolgens over die hele groep verdeeld.

Arnout vergelijkt het met een café. Ga je met vijf mensen op pad en drinkt iedereen thee, of drinkt iedereen tien bier, dan vindt niemand het erg om de rekening te delen. Maar zodra die ene bierdrinker aanschuift bij de theedrinkers en voorstelt om te splitten, is dat een ander verhaal.

Zo werkt het met onbalans ook. Leveranciers proberen vergelijkbare klanten bij elkaar te zetten, en een groep met veel combinatieklanten (die zowel afnemen als terugleveren) betaalt meer dan een groep die alleen afneemt. Maar binnen zo’n groep betaal je het gemiddelde. Ben jij heel voorspelbaar, dan druk je dat gemiddelde omlaag en betaal je het toch.

Het lastige is dat je het niet ziet. De onbalanskosten zijn wat ze zijn; je weet niet hoe hoog ze zonder de bierdrinkers in jouw groep waren geweest.

Hoe groot is die kostenpost?

Bij een kleine aansluiting, zoals thuis of bij een klein bedrijf, mag onbalans niet apart op de factuur staan. Die zit verstopt in de opslag van je leverancier, of in de prijs van je vaste contract.

Bij een grote aansluiting staat onbalans wél als aparte post op de factuur. Om een indruk te geven: Arnout noemde een product voor de grootzakelijke markt met een opslag van zo’n 17 euro per megawattuur (1,7 cent per kWh), waarvan ongeveer 12 euro (1,2 cent per kWh) dient om de onbalanskosten te dekken. Het grootste deel van de opslag gaat dus rechtstreeks naar onbalans.

Daar komt bij dat bij een grote aansluiting levering en teruglevering bij elkaar worden opgeteld. Wat er achter de meter gebeurt, zoals zonnestroom die je direct zelf verbruikt, veroorzaakt wel onbalans maar telt niet mee in het volume. De kosten worden dus over minder kilowatturen verdeeld.

Wat je zelf kunt doen, bij welke leverancier ook

Deel je data

Een leverancier ziet standaard alleen wat er over je meter gaat. Wat er achter de meter gebeurt, zoals hoeveel je zonnepanelen opwekken en hoeveel je daarvan zelf gebruikt, ziet hij niet. Juist daardoor gaan voorspellingen mis: schuift er een wolk voor de zon, dan neem je ineens van het net af wat niemand had voorzien.

Kan je leverancier je verbruik en je opwek los van elkaar zien, dan voorspelt hij beter. Heb je een brutoproductiemeter, bijvoorbeeld omdat je SDE-subsidie ontvangt, deel die gegevens dan. Een eerlijke kanttekening: het voordeel daarvan komt bij een gewoon contract terecht bij de hele groep, en je ziet het niet terug als losse besparing.

Volg een logische volgorde

Arnout hanteert een eenvoudig stappenplan:

  1. Stap over op een dynamisch contract. Zonder dat profiteer je nergens van.
  2. Meet je verbruik. Kijk naar je data: waar zitten je pieken, wat is voorspelbaar?
  3. Ga sturen. Wat kun je verschuiven of slimmer inzetten? Een energiemanagementsysteem helpt daarbij.
  4. Ga eventueel handelen, bijvoorbeeld met een batterij. Niet voor iedereen, en pas als de eerste drie stappen staan.

Over die batterij zei hij nog iets nuttigs: de meest voorspelbare businesscase is optimaliseren achter de meter. Dan bestaat je verdienmodel uit stroom die je niet meer van het net hoeft te halen, en dat blijft de komende jaren gewoon zo.

Drie manieren om onbalans af te rekenen

Je hoeft niet per se in die grote groep te zitten. NieuweStroom komt per 1 januari 2027 met drie afrekenvormen voor bedrijven met een grote aansluiting (vanaf 3×80 ampère) en eigen opwek uit zon of wind. Arnout noemde ze in de podcast verzekerd, semi-verzekerd en onverzekerd, wat het principe goed samenvat.

1. Verzekerd: VlotTeruggeleverd

Je betaalt een vaste opslag die twaalf maanden vooraf vaststaat, en die is gelijk voor wat je afneemt en wat je teruglevert. Het onbalansrisico ligt bij de leverancier: valt het hoger uit, dan is dat zijn probleem. Alleen je volume is nog variabel.

Dit is de eenvoudigste vorm: geen verrassingen, een simpele afrekening. Je betaalt wel een premie voor die zekerheid, net als bij een verzekering. Let op de voorwaarde: volgens NieuweStroom moet je minimaal 35 procent van je jaarlijkse opwek terugleveren, en het is niet bedoeld voor zuivere opwek zoals zon- of windparken.

2. Semi-verzekerd: VolOpgewekt

Hier volgt de afrekening het onbalanstarief dat de RVO elk jaar vaststelt voor de SDE-subsidie, op basis van advies van het PBL. Dat is een marktgemiddelde dat de leverancier niet zelf bepaalt. NieuweStroom garandeert dat je 10 procent minder betaalt dan dat tarief, berekend over je brutoproductie.

Hoe kunnen ze onder het marktgemiddelde gaan zitten? Door te optimaliseren op de verschillende handelsmarkten: eerst de day-aheadmarkt, daarna intraday, en ook achteraf nog door te schuiven met een leverancier die de andere kant op scheef zat. Daar zit bij hen een team van zo’n veertig mensen op.

Ontvang je SDE-subsidie, dan is dit een logische keuze: je krijgt dat onbalansbedrag via de subsidie vergoed, en houdt er dan 10 procent van over. Maar een SDE-beschikking is geen voorwaarde. Een nadeel: het tarief is vooraf niet bekend. Je betaalt een voorschot en rekent één keer per jaar af, na de vaststelling in mei.

3. Onverzekerd: EigenRegie

Hier betaal je precies je eigen onbalans, zonder premie en zonder meebetalen voor de groep. Dat is interessant als je beter scoort dan het gemiddelde. Je stapt dan als theedrinker uit het café met de bierdrinkers.

Twee typen bedrijven komen hiervoor in aanmerking:

  • Bedrijven met een heel voorspelbaar profiel. Je verbruik hoeft niet vlak te zijn, zolang maandag op de vorige maandag lijkt. Een kantoorgebouw is een typisch voorbeeld. Een productiebedrijf dat op wisselende momenten opstart, juist niet.
  • Bedrijven met een partij die hun installaties aanstuurt, zoals een aggregator die je batterij en verbruik stuurt en daarmee je profiel gladstrijkt.

Een leverancier gaat je niet op je woord geloven: verwacht dat je minimaal een jaar aan kwartierdata moet aanleveren, en liever meer. En zelfs dan is het een inschatting. Een voorspelbaar verleden is geen garantie dat het zo blijft.

Welke past bij jou?

Jouw situatieLogische vorm
Je wilt zekerheid en een simpele afrekening, en levert een flink deel van je opwek terugVerzekerd
Je hebt veel eigen opwek, vaak met SDE-subsidie, en een brutoproductiemeterSemi-verzekerd
Je profiel is heel voorspelbaar, of een partij stuurt je installaties aanOnverzekerd

Op gevoel kiezen werkt hier niet. Het hangt af van hoe voorspelbaar je bent, hoeveel je teruglevert en wat er te sturen valt, en dat reken je door op je eigen data. Laat een leverancier of een onafhankelijke adviseur uitrekenen wat je met elke vorm had betaald over het afgelopen jaar. Pas met die vergelijking op je eigen cijfers wordt de keuze concreet.

Let op je opzegtermijn

Wil je straks kunnen kiezen, kijk dan nu naar je huidige contract. Veel zakelijke energiecontracten lopen aan het eind van het jaar af, en worden vaak stilzwijgend verlengd, soms al maanden voor de einddatum. Zit je eenmaal weer een jaar vast, dan heb je geen keuze meer.

Zoek dus de einddatum en de opzegtermijn op, en geef bij je leverancier aan dat je opzegt per de eerstvolgende mogelijkheid. Daarmee houd je de vrijheid om te kiezen; blijven kan altijd nog. NieuweStroom zelf hanteert overigens een opzegtermijn van dertig dagen voor zijn dynamische contracten.

What do you think?

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

No Comments Yet.